Standaard Boekhandel gebruikt cookies en gelijkaardige technologieën om de website goed te laten werken en je een betere surfervaring te bezorgen.
Hieronder kan je kiezen welke cookies je wilt inschakelen:
Technische en functionele cookies
Deze cookies zijn essentieel om de website goed te laten functioneren, en laten je toe om bijvoorbeeld in te loggen. Je kan deze cookies niet uitschakelen.
Analytische cookies
Deze cookies verzamelen anonieme informatie over het gebruik van onze website. Op die manier kunnen we de website beter afstemmen op de behoeften van de gebruikers.
Marketingcookies
Deze cookies delen je gedrag op onze website met externe partijen, zodat je op externe platformen relevantere advertenties van Standaard Boekhandel te zien krijgt.
Je kan maximaal 250 producten tegelijk aan je winkelmandje toevoegen. Verwijdere enkele producten uit je winkelmandje, of splits je bestelling op in meerdere bestellingen.
Ruth Galloway-serie 14. Harry Nelson ontdekt dat de buurvrouw van Ruth ooit berecht werd voor moord op haar werkgever. Iets wat persoonlijker voor Ruth blijkt te zijn dan vermoed.
Deel 14 in de Ruth Galloway-serie. Ruth is in Londen de bezittingen van haar moeder aan het opruimen als ze een verrassende ontdekking doet: een foto van haar huisje in Norfolk, genomen voordat Ruth daar woonde. Haar moeder had altijd een hekel aan het huisje, dus waarom heeft ze er een foto van? De enige aanwijzing staat op de achterkant van de foto: Dawn, 1963.
Ruth keert terug naar Norfolk, vastbesloten het mysterie op te lossen, maar dan breekt Corona uit. Ruth en haar dochter kunnen de deur niet uit en proberen door te gaan met werken en thuisonderwijs. Gelukkig wordt het huis ernaast gehuurd door een aardige vrouw genaamd Zoe, met wie ze bevriend raken terwijl ze op de stoep staan te applaudisseren voor de medische wereld.
Nelson onderzoekt ondertussen een reeks sterfgevallen onder vrouwen die al dan niet zelfmoord zouden zijn. Wanneer hij de sterfgevallen in verband brengt met een archeologische ontdekking, verbreekt hij de avondklok om Ruth te bezoeken. Hij treft haar aan, pratend met haar buurvrouw die hij zich herinnert als een verpleegkundige die ooit werd berecht voor de moord op haar werkgever. Alleen heette ze toen niet Zoe. Toen heette ze Dawn.