Standaard Boekhandel gebruikt cookies en gelijkaardige technologieën om de website goed te laten werken en je een betere surfervaring te bezorgen.
Hieronder kan je kiezen welke cookies je wilt inschakelen:
Technische en functionele cookies
Deze cookies zijn essentieel om de website goed te laten functioneren, en laten je toe om bijvoorbeeld in te loggen. Je kan deze cookies niet uitschakelen.
Analytische cookies
Deze cookies verzamelen anonieme informatie over het gebruik van onze website. Op die manier kunnen we de website beter afstemmen op de behoeften van de gebruikers.
Marketingcookies
Deze cookies delen je gedrag op onze website met externe partijen, zodat je op externe platformen relevantere advertenties van Standaard Boekhandel te zien krijgt.
Je kan maximaal 250 producten tegelijk aan je winkelmandje toevoegen. Verwijdere enkele producten uit je winkelmandje, of splits je bestelling op in meerdere bestellingen.
Nadat keizer Augustus hem naar een kille uithoek van het Romeinse rijk verbannen had, ging Ovidius door met schrijven. De 'Fasti', een lang gedicht in de speels-erudiete trant van de 'Metamorfosen' bleef uiteindelijk onvoltooid, maar met de 'Tristia' en de 'Brieven van de Zwarte Zeekust' grondvestte hij een genre dat tot in onze tijd navolging vond, onder meer in het werk van de twintigste-eeuwse ballingen Osip Mandelstam en Joseph Brodsky.
Een buitenbeentje in dit late werk is de 'Ibis'. Het bestaat uit een virtuoos vormgegeven en verwoorde reeks vervloekingen aan het adres van iemand die Ovidius een onrecht heeft aangedaan. De identiteit van de mysterieuze boosdoener houdt de dichter verborgen, en dat is ondanks veel geleerde speculatie ook zo gebleven. Achter het rituele en mythologische geweld van zijn verwensing klinkt vooral een persoonlijk drama door: Ovidius’ even tomeloze als machteloze frustratie over zijn ballingschap.